Deelvraag 3: Waarom wordt jongerentaal vaak niet begrepen?

Paragraaf 1: Taalverloedering        

Hoogopgeleiden spreken anders dan laagopgeleiden, meertaligen spreken anders dan eentalige en jongeren spreken anders dan ouderen. Duizenden jaren geleden klaagden de oude Grieken al over het taalgebruik van de jeugd, evenals de ouderen van vandaag die zich dood ergeren aan jongerentaal.

Maar de jongerentaal zorgt juist voor taalverrijking. Door de multiculturele samenleving ontstaat er een mengelmoes van talen in Nederland. De meeste taaldeskundigen vinden helemaal niet dat de taal verloedert. Ron van Zonneveld zegt: ‘Taal verandert nou eenmaal. Die verandering bestrijden is onbegonnen werk’. Pas vanaf het moment dat jongeren opvallend meer moeite hebben om zich uit te drukken dan de voorafgaande generatie is er sprake van taalverloedering. Uit onderzoek bleek dat iemand die straattaal gebruikt, de Nederlandse taal juist goed moet beheersen. Je kunt pas spelen met taal als je weet hoe je ermee kunt variëren.

Het zijn dan ook zeker niet alleen allochtone jongeren die straattaal spreken; jongeren met Nederlands als moedertaal doen dit evengoed. jongeren verkeren veel meer en veel langer met elkaar dan hun ouders en grootouders dat deden.

Studiefinanciering voor kinderen van alle lagen der maatschappij en het vrij vervoer voor studenten heeft veroorzaakt dat jongeren langer studeren; ze hebben meer tijd om met elkaar een gemeenschappelijke taal te ontwikkelen en ze kunnen gemakkelijker naar diverse plekken binnen Nederland reizen, waardoor beïnvloeding over en weer groot is. Ze pikken overal een accentje van mee, een woordje hier en daar. De groep waar ze weken lang mee optrekken oefent druk uit op hun uitspraak. Zo is de taal van de groep veel invloedrijker geworden dan de taal van de ouders. Dit draagt bij aan het verdwijnen van het ABN.

http://nl.wikipedia.org/wiki/Jongerentaal                               

http://www.roepstem.net/taalverloedering.html

bron foto 6:http://www.onzetaal.nl/homofkuit/h04078.php

 
Paragraaf 2: Waarom wordt jongerentaal vaak niet begrepen?

Toch wordt jongerentaal vaak niet begrepen door ouderen omdat die veel woorden en uitdrukkingen bevat die wij anders gebruiken en als ouderen dit niet weten, vinden ze het vaak onbeschoft en asociaal. Veel mensen zien dit ook als nadeel. Ook snappen ouderen meestal de afkortingen die heel veel in jongerentaal gebruikt worden, niet. Daardoor lijkt het voor ouderen soms wel een soort geheimtaal. Het ligt er ook aan waar je woont. Op een school in Limburg wordt heel andere jongerentaal gesproken dan bijvoorbeeld in de Randstad. Door het gebruik van jongerentaal geven jongeren aan bij welke groep ze horen. En veel jongerengroepen hebben ook nog een eigen variant van die taal. Voorbeelden van jongerengroepen: ‘kakkers’, ‘skaters’, ‘kampers’ en ‘alto’s’, ze hebben allemaal hun eigen taaltje, dat veel mensen niet begrijpen.

bron:http://books.google.nl/books?id=28HkERPkipMC&pg=PA49&lpg=PA49&dq=waarom+wordt+jongerentaal+vaak+niet+begrepen?&source=bl&ots=_p03S0nWk6&sig=f9UGwKronkaAxyLIJ0MuqPbVqcI&hl=nl&ei=tPx8Tcu_DdHoOZL8_c4H&sa=X&oi=book_result&ct=result&resnum=7&ved=0CEgQ6AEwBg#v=onepage&q&f=false

 

Paragraaf 3: Enquêteonderzoek

Uit de enquêtes die wij hebben afgenomen, blijkt dat veel jongeren denken dat jongerentaal niet veel invloed heeft op het algemeen Nederlands. Of velen van de ondervraagden wisten het niet. Ook denkt 47% van de ondervraagde jongeren dat ouders en leraren denken dat jongerentaal je woordenschat verslechtert. 23% denkt dat het ze niets uitmaakt. Kortom, de jongeren zijn er niet zo veel mee bezig dat jongerentaal het algemeen Nederlands verandert als ouderen. Jongeren zien daarom vaak ook het probleem niet zo als ouderen.

Bron: enquettes afgenomen in tilburg en Schijndel bij VMBO 4 en HAVO 5.